Andreas Lauffer

Brenda Westra Opinieprijs

De accountancy-opleiding moet en kan beter!

Als derdejaars accountancystudent zie ik de huidige opleiding als constant een vinkje zetten achter de “essentiële” kennis die wij nodig hebben als accountants. Hoeveel de studenten werkelijk leren en toe kunnen passen in de praktijk is een bijzaak.

Naar mijn mening is het huidige leerproces een drama!  Op dit moment is de opleiding gebouwd om studenten zo efficiënt mogelijk aan de eindtermen van de CEA (Commisie Eindtermen Accountantsopleiding) te laten voldoen, maar er is te weinig aandacht voor het werkelijke leerproces van de studenten. Als wij de colleges op een manier kunnen inrichten dat elke student er genoeg waarde in ziet om naar het college te komen, op te letten en veel te leren, dan zie ik dat als een beter resultaat dan een vinkje te kunnen zetten achter de CEA-eindtermen. De prioriteiten van de universiteit liggen op de verkeerde plaats. Daarom zal ik toelichten hoe ik denk dat het leerproces van de accountantsopleiding verbeterd kan worden.

Mijn ervaring

Mijn ervaring is dat over het algemeen maar de helft van de studenten naar de colleges komt. Zij die komen zitten voor het grootste gedeelte online te shoppen of zijn hun week aan het bespreken. Dit is de gemiddelde setting van de vrijdagcolleges. Het kan extremer, bij BIV of ALEC (Algemene Economie) zaten we soms met vier studenten in het college, terwijl de klas uit 25 studenten bestond. Dit kan niet de bedoeling zijn. Maar waardoor komt dit?

Oorzaak

Ten eerste: de structuur van de cursussen is niet optimaal. Tijdens onze werkweek hebben wij elke dag/week deadlines voor ons werk. Hierdoor krijgt ons werk de benodigde aandacht en krijgen wij telkens feedback op hoe wij staan in het werkproces. Tijdens onze studie hebben wij vaak maar één deadline per twee maanden, in de vorm van een tentamen. Hierdoor ontstaat een sterke prikkel om studie uit te stellen en focus te verleggen naar werk. Mensen werken op basis van feedbackmomenten, dus wanneer er eens per twee maanden één feedbackmoment is, dan zal de studiefocus rond dat moment van feedback (toetsing) liggen.

Een andere reden waarom het leerproces op dit moment een drama is, is dat het doel van het proces een tentamen is. De meest efficiënte manier om een tentamen te halen, is door het trucje/de stof uit de oefententamens te beheersen en vervolgens toe te passen op het tentamen. Waarom heb ik colleges nodig, wanneer ik makkelijker mijn doel kan bereiken middels oefententamens? Wanneer lessen direct met een belangrijk doel en een feedbackmoment verbonden zouden zijn, dan zouden studenten meer gemotiveerd zijn tijdens de les en veel meer leren. In het drukke leven van studenten die tegelijkertijd werken, is het hun niet te verwijten dat ze de kortste weg nemen.

Mijn oplossing

De reden van de lage motivatie en opkomst naar colleges is dus de lange duur tussen momenten van feedback (toetsing) en het middel van toetsing, namelijk het tentamen. De oplossing is het inbouwen van meer toetsingsmomenten, in plaats van een groot tentamen aan het eind, en het beter verbinden van de stof in de les aan de toetsingsmomenten.

Dit klinkt als meer werk, maar wanneer bijvoorbeeld elke twee weken een relatief eenvoudige opdracht/toetsje gemaakt moet worden die toeziet op de stof van de laatste paar weken, dan is de motivatie om bij de colleges aanwezig te zijn en je erop voor te bereiden een stuk hoger. Door middel van online tools is dit administratief makkelijk te regelen. Wat hier wel van belang is, is dat de toetsjes significant meetellen voor het eindcijfer, want zoals eerder gezegd, het is studenten niet te verwijten dat ze de kortste weg willen nemen.

Een ander voordeel dat dit systeem kan hebben, is dat de kleine opdrachten/toetsjes specifiek aan de praktijk kunnen worden verbonden. Op dit moment is de opleiding erg theoretisch, hier kan dit systeem verandering in brengen. Als bijvoorbeeld het onderwerp consolidatie getoetst moet worden, geef je de studenten een aantal dagen de tijd en een consolidatievraagstuk uit de praktijk. Dan kunnen ze een werkelijke praktijkcasus uitvoeren, in plaats van een versimpelde versie die heel snel op een tentamen gemaakt moet worden. Het risico bestaat wel dat studenten dan bij elkaar gaan afkijken, maar dit risico kan afgedekt worden door een integraal/steekproefsgewijs mondeling aan het eind van de cursus, waar de studenten dan de theorie en overwegingen van de opdrachten/toetsen stapsgewijs moeten kunnen toelichten.

Het huidige leerproces is een drama, maar dit is een goede manier om het leerproces te kunnen verbeteren. Hoe denken jullie hierover?

Andreas Lauffer studeert tijdelijk Chinees aan Yunnan University in China. Volgend semester hervat hij de Bachelor of Science in Accountancy aan Nyenrode Business Universiteit en zijn werk bij Kreston Lentink.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *